Minister Van Peteghem hervormt begrotingsbeleid met historisch samenwerkingsakkoord
Vice-eersteminister en minister van Begroting Vincent Van Peteghem hervormt de coördinatie van het Belgische begrotingsbeleid. Met een afdwingbaar samenwerkingsakkoord slaan de federale overheid, de gemeenschappen, de gewesten en de gemeenschapscommissies voor het eerst zo nadrukkelijk de handen in elkaar rond de individuele en bindende verdeling van de budgettaire koers.
Met dit akkoord kiezen alle overheden voor houdbare overheidsfinanciën. Hiermee zet België een stap richting een toekomstgericht economisch beleid en strategische autonomie.
EEN MODERN BEGROTINGSKADER VOOR EEN FEDERALE STAAT
België is een federale staat met een grote budgettaire autonomie voor de deelstaten. Dat maakt een afstemming van het begrotingsbeleid essentieel. Internationale instellingen kijken immers naar België als geheel. Het nieuwe samenwerkingsakkoord moderniseert de bestaande afspraken en stemt ze af op het Europese begrotingskader. Het gaat om het eerste samenwerkingsakkoord met bindende budgettaire trajecten voor elke entiteit, dat het vertrouwen van de Europese Commissie in het Belgische begrotingsbeleid zal versterken.
“Met dit akkoord hervormen we het begrotingsbeleid tot een gedeelde verantwoordelijkheid. Alle overheden nemen hun rol op met duidelijke afspraken en regelmatige opvolging. Dat is cruciaal in ons streven naar duurzame overheidsfinanciën en onze mogelijkheid om te investeren in groei en innovatie. Door samen te werken, versterken de overheden hun slagkracht en zorgen ze ervoor dat België klaar is voor de economische uitdagingen van morgen. Want eendracht maakt macht.”
Vincent Van Peteghem, Vice-eersteminister en minister van Begroting
DUIDELIJKE AFSPRAKEN EN MEER TRANSPARANTIE
Het akkoord zorgt ervoor dat alle beleidsniveaus bijdragen aan gezamenlijke doelstellingen, met respect voor hun bevoegdheden en individuele inspanningen, maar met een duidelijke gezamenlijke verantwoordelijkheid.
-
Heldere begrotingsdoelstellingen: alle overheden werken binnen één gezamenlijk Europees kader met individuele meerjarige trajecten voor uitgavengroei;
-
Eerlijke verdeling van inspanningen: de budgettaire inspanning wordt voor de huidige planperiode verdeeld op basis van objectieve sleutels, rekening houdend met uitgaven en ontvangsten;
-
Broodnodige terugvalpositie: Er wordt een terugvalpositie ingebouwd voor het uitgaventraject wanneer het Overlegcomité voor toekomstige planperiodes geen akkoord bereikt. Zo zal elke regering vanaf nu bindende begrotingsdoelstellingen moeten naleven.
-
Strikte opvolging: vooruitgang wordt gemonitord en transparant gemaakt via een controlerekening waarbij de Hoge Raad van Financiën een sterke controle uitvoert;
-
Versterkte samenwerking en rapportering: overheden delen informatie en werken nauwer samen bij de opmaak van begrotingsplannen en rapporten richting Europa. Dat gebeurt in de schoot van het Overlegcomité.